Homeopathie in het kort

Mens als functionerend geheel, zelfherstel en regulatie; visie gezondheid en ziekte; doel is bevordering van de gezondheid in brede zin zonder schade toe te brengen.

Zelfherstel

Homeopathie is een geneeswijze die de natuurlijke homeostase van het organisme stimuleert. Onderzoek laat zien dat alle levende wezens, met name op celniveau de mogelijkheid hebben tot zelfherstel. Dit is een kenmerk van het leven zelf.

Homeopathie maakt gebruik van dit natuurlijk herstelvermogen. Dit wordt bereikt door een kleine passende prikkel, het homeopathische geneesmiddel, aan het organisme toe te dienen. Als het middel aanslaat, zal het zelfherstel gestimuleerd worden en de patiënt zich beter voelen, de vitaliteit toenemen en herstel van ziekteverschijnselen zich inzetten. 

Similia-principe

De keus van de best passende prikkel is waar het in de homeopathie om draait. Deze keus van het geneesmiddel in de homeopathie vindt plaats volgens het gelijksoortigheids-­principe, ook wel het similia-principe genoemd (similia = gelijkend). Dat wil zeggen dat de symptomen die iemand heeft, genezen kunnen worden door een middel dat bij een gezonde persoon soortgelijke symptomen kan ver­oorzaken.

Bijvoorbeeld: rauwe ui kan traanogen en een lopende neus ver­oorzaken. Dan zal een geneesmiddel, bereid op basis van de ui, Al­lium cepa, patiënten kunnen helpen met diezelfde klachten, zoals bij een allergische rhinitis met een irriterende waterige neusloop en traanogen.

Geneesmiddelonderzoek

Als we op deze manier therapie willen bedrijven, dienen we de geneesmiddelen te kennen in hun vermogen bij gezonde mensen symptomen op te roepen. Er wordt daarom systematisch geneesmiddelonderzoek gedaan volgens een vast protocol. Deze geneesmiddel proeven brengen de levende symptomatologie aan het licht die we terug kunnen vinden bij de patiënt. De uitkomsten van de geneesmiddelproeven hebben geleid tot de ontwikkeling van geneesmiddelbeelden, deze zijn vastgelegd in de homeopathische “materia medica”.

Homeopathische geneesmiddelen

Daar er een dergelijke directe relatie is tussen het geneesmiddel en het ziektebeeld vanwege het similia-principe, blijkt het middel in een bijzonder kleine dosering gegeven te kunnen worden.

Tevens blijkt ondanks de zeer lage dosering het middel werkzaam te blijven en aldus toegediend minder kans te geven op verergeringen van het ziektebeeld. Homeopathische geneesmiddelen worden bereid in een farmaceutisch proces. Dit proces omvat herhaaldelijke stappen van verdunnen (of verwrijven) en krachtig schudden. Een dergelijke bereiding wordt potentiëren of dynamiseren genoemd. Door het potentiëren van het genees­middel verkrijgt het middel zijn specifieke homeopathische werk­zaamheid, de genoemde prikkel tot zelfherstel.

Het potentiëringsproces heeft als gevolg dat homeopathische geneesmid­delen erg veilig zijn en daarom ook bijzonder ge­schikt voor de behandeling van kinderen, oudere mensen, zelfs voor zwangere vrouwen of moeders die borstvoeding geven.

Individuele behandeling

Bij een homeopathische behandeling wordt ieder mens individueel benaderd. Twee patiënten met een zelfde reguliere diagnose kunnen behan­deld worden met verschillende homeopathische geneesmiddelen, onder meer afhanke­lijk van hoe zij hun symptomen presenteren en hoe gebeurtenissen in hun leven hun psychische en fysieke welzijn hebben beïnvloed. Ziekte wordt gezien als een strikt individuele toestand van “onwelbevinden” op geestelijk en lichamelijk vlak, niet uitsluitend gebonden aan één orgaan of orgaansysteem.

Deze opvatting komt sterk overeen met de definitie gegeven door M. Huber: “Gezondheid als het vermogen zich aan te passen en een eigen regie te voeren, in het licht van de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen van het leven.” www.ntvg.nl/artikelen/heroverweeg-uw-opvatting-van-het-begrip-gezondheid.
Aangezien de homeopathisch behandelaar de persoon in zijn totaliteit be­han­delt is het meten van resultaten in termen van louter fysieke graadmeters niet zinvol. Welbevinden en kwaliteit van leven zijn belangrijke criteria die meegewogen moeten worden bij de beoordeling van het effect.

Zo vormen het “similia-principe”, de “geneesmiddelproef” en het “individueel” voorschrijven van het geneesmiddel in “gepotentieerde” vorm de pijlers van de homeopathie.

Integrale geneeskunde

Wij rekenen de homeopathie tot de “integrale geneeskunde”[1], waarbij het gaat om evidence-based methoden die het zelfherstellend vermogen van het organisme  activeren.

De term “integrale geneeskunde”, wordt in de Engelstalige wereld aangeduid met de term ”integrative medicine”.

Opmerking:

Er zijn in de loop van de ontwikkeling van de homeopathie verschillende vormen van homeopathie ontstaan (interne link B.3 vormen van homeopathie).

In Nederland wordt door homeopathische behandelaars het meest gewerkt volgens een methode die een “moderne vorm van klassieke homeopathie” genoemd zou kunnen worden. Op deze website beschrijven we die methode.

Op veel websites zult u de term “klassieke homeopathie” tegenkomen. Daar de homeopathie zich, zoals elke vorm van wetenschap, in de 200 jaar van haar bestaan verder heeft ontwikkeld gebruiken we deze benaming hier zo min mogelijk en spreken we van “homeopathie”.

[1]  Het Consortium Academic Health Centers for Integrative Medicine, een samenwerkingsverband van momenteel 57 universiteiten in de Verenigde Staten hanteert hierbij de volgende definitie: „the practice of medicine that reaffirms the importance of the relationship between practitioner and patient, focuses on the whole person, is informed by evidence, and makes use of all appropriate therapeutic approaches, healthcare professionals and disciplines to achieve optimal health and healing”: 

Ontstaan van de homeopathie, Hahnemann.

De homeopathie als geneesmethode is vastgelegd door de Duitse arts Samuel Hahnemann (1755-1843). Uit onvrede met de geneeskunde van zijn tijd was hij op zoek naar een vaste basis voor de geneeskunde. Toen hij een keer uit interesse zelf een dosis van de Kinabast (kinine) innam, ontstonden bij hem klachten en sensaties die heel erg leken op het ziektebeeld van de “wisselkoorts”, momenteel beter bekend als malaria. De gedachte kwam bij hem op dat de China een goed geneesmiddel tegen malaria was, omdat het zelf verschijnselen kon oproepen die leken op malaria. Hij heeft na jaren van experimenteren en onderzoek deze gedachte uitgewerkt tot een eigen geneesmethode en beschreven in het “Organon der Geneeskunde” (1810).

Als een der eerste is hij systematisch geneesmiddelproeven op gezonde proefpersonen gaan doen om de geneesmiddelwerking van de in zijn tijd gebruikte geneesmiddelen te leren kennen en vast te leggen. Deze symptoom verzameling per geneesmiddel vormden de basis voor de eerste homeopathische Materia Medica.

Organon der Heilkunst
Titelblad Organon of Medicine

Geneesmiddelen, bronnen van geneesmiddelen

Wat zijn de bronnen van geneesmiddelen waar de homeopathie uit put? Men kan zeggen dat alle stoffen die na inname tot symptomen leiden als geneesmiddel te gebruiken zijn. Als men een geneesmiddelproef goed uitvoert, voldoende tijd neemt en ook de proef met potenties uitvoert blijken vrijwel alle stoffen in de natuur symptomen te geven. Ook geneesmiddel-proeven met door de mens zelf ontwikkelde chemische stoffen, zoals ook reguliere geneesmiddelen, geven een uitgebreid geneesmiddelbeeld.
Hahnemann zelf was ooit begonnen met die stoffen te onderzoeken die in zijn naaste omgeving als arts voorhanden waren, dus de in zijn tijd veel gebruikte geneesmiddelen.
Een geneesmiddelproef wordt in principe met een enkelvoudige stof uitgevoerd of in de samenstelling waarin het in de natuur voorkomt.

Men kan een onderverdeling maken naar aard en oorsprong van de grondstoffen:

  • Plantaardige grondstoffen. Veelal wordt de verse plant als uitgangsstof genomen, soms een tinctuur of gedroogde plantendelen, als het om uitheemse planten gaat. Dit is verreweg de grootste groep homeopathische geneesmiddelen.

Voorbeelden:
Belladonna, de atropine bevattende plant, wolfskers, chamomilla, kamille, bambusa, bamboe.

Door nieuw onderzoek van momenteel nog voor de homeopathie onbekende planten komen er geregeld nieuwe grondstoffen bij.

  • Chemische elementen, mineralen en chemische verbindingen, ook dit is een grote rijke bron aan stoffen.

Voorbeelden:
Elementen: phosphorus (fosfor), sulphurus (zwavel), mercurius (kwik).
Zouten: kalium bichromicum (kalium bichromaat), natrium muriaticum (natriumchloride), magnesium phosphoricum (magnesiumfosfaat).
Chemische verbindingen: Causticum Hahnemanni, (een door Hahnemann ontwikkelde chemische verbinding), petroleum (fractie van ruwe aardolie); glonoinum (nitroglycerine).

  • Dierlijke grondstoffen, gifstoffen uit het dierenrijk waren oorspronkelijk het uitgangspunt zoals: Apis (bijengif), Lachesis (gif van de bosmeesterslang uit Suriname), Tarentula hispanica ( gif van de tarentula spin) en Sepia (de zwarte inkt van de inktvis). Later zijn ook minder toxische stoffen als geneesmiddel onderzocht en waardevol gebleken, zoals Lac caninum (hondenmelk) en Calcarea carbonica (verwreven oesterkalk).
  • Nosoden, van oorsprong ziekteproducten van mens en dier. Aanvankelijk in de homeopathie terecht gekomen als mogelijkheid om de ziekte waar de nosode van afkomstig was isopathisch (= behandeling met hetzelfde middel) te behandelen, bijvoorbeeld Tuberculine (preparaat van gedood tuberculeus materiaal) als middel ter behandeling van Tuberculose. Echter bij het nader onderzoek en gebruik in de praktijk bleken deze middelen veel rijker in hun symptomatologie dan hun oorsprong deed vermoeden. Ook ziektebeelden die niets met de oorspronkelijk ziekte te maken hebben bleken goed te kunnen reageren. Zo is Tuberculinum een prachtig middel voor kinderen die vatbaar zijn voor luchtweginfecties, maar ook bij gedragsproblemen van kinderen kan dit middel prima werken. Een ander voorbeeld is Medorrhinum, de nosode van de gonorroe.

Vormen van homeopathie

Homeopathie kent een lange geschiedenis van verschillende manieren waarop de similia-regel werd toegepast. Vaak ontstonden er heftige discussies over de richting waarin de homeopathie zich zou moeten ontwikkelen; dit gebeurde al tijdens het leven van Hahnemann. Sommigen zochten een vorm die zoveel mogelijk aansloot bij de reguliere diagnose van de patiënt; hieruit ontstond de klinische homeopathie. Anderen vonden de homeopathie en vooral de geneesmiddelkeus, te omslachtig en zochten naar vereenvoudiging. Zo ontstonden homeopathische complexmiddelen, op de markt gebracht door fabrikanten van homeopathische geneesmiddelen. Volgers van Hahnemann vonden dat de principes van de homeopathie op deze manier steeds meer verwaterde. Zij bleven zich verzetten tegen deze ontwikkelingen, hetgeen resulteerde in een herwaardering van de oorspronkelijke principes van de homeopathie. De richting die hieruit voortvloeide, wordt meestal aangeduid als de “klassieke” homeopathie.

Geschiedenis van de homeopathie

Om een goed begrip van de homeopathie te krijgen is het zinvol zich enigszins in de geschiedenis van de homeopathie en het leven van de persoon Hahnemann te verdiepen.

Veel strijdpunten zijn vanuit deze achtergrond beter te begrijpen.

Grofweg kan men zeggen dat er altijd twee stromingen binnen de geneeskunde zijn geweest, een vitalistische en een materieel-causale. In de vitalistische stroming worden het leven, gezondheid én ziekte als uitingen van een vitale kracht gezien. Het ondersteunen en activeren van het eigen herstel vermogen staat centraal in de therapie. De materieel-causale richting ziet leven als een geheel van natuurkundige en scheikundige processen en beschouwt ziekte als een defect in het organisme, dat door ingrijpen van buitenaf gerepareerd dient te worden.

Homeopathische literatuur

Homeopathische bibliotheek

Sinds 1978 is de Homeopathische Bibliotheek als een ‘Bijzondere collectie’ ondergebracht bij de Universiteitsbibliotheek van Utrecht. De collectie bevat inmiddels circa 3750 monografieën en ruim 100  deels nog lopende (tijdschrift) series.

De collectie is opgenomen in de digitale catalogus van de Universiteitsbibliotheek van Utrecht en kan online geraadpleegd worden.
Boeken die uitgegeven zijn na 1900 worden uitgeleend. Daarvoor dient u wel een lenerspas aan te schaffen. Maar dan kunnen de gewenste boeken of tijdschriften ook bij alle openbare en universiteitsbibliotheken In Nederland opgehaald worden. Tegen betaling kunt u ook artikelen van tijdschriften laten inscannen en  online laten opsturen. Boeken ouder dan 1900 worden niet uitgeleend en kunnen in de universiteitsbibliotheek in de leeszaal voor oude collecties worden ingezien. Tegenwoordig is het vaak ook mogelijk deze oude literatuur online te vinden. Bij het zoeken naar literatuur staat bij het zoeken in de catalogus in een aantal gevallen bij beschikbaarheid “online” Door her op te klikken wordt u verder geleid naar de mogelijkheid om digitale versies te raadplegen. Daarnaast zijn er meerdere websites, die boeken in digitale vorm aanbieden. Voor de homeopathie specifiek zijn dat onder meer homeoint.org en remedia.at.

Aan de meeste boeken en tijdschriften van de collectie is het trefwoord “homeopathie” of “homoeopathie” toegekend, zodat een overzicht van de collectie grotendeels mogelijk is. De gehele fysiek aanwezige collectie is te vinden door de zoekoptie “vindplaats” te combineren met de zoekopdracht “MAG ; HOM. De officiële naam van de collectie is ‘Collectie Homoeopathie’.

Bibliothecaris:  R. Stuut, arts voor Algemene Geneeskunde en Homeopathie

Recente ontwikkelingen

Vithoulkas

Met de opkomst van Vithoulkas begin jaren 80 van vorige eeuw beleefde de homeopathie weer een bloeiperiode, ook in Nederland. Vithoulkas gaf in Athene leiding aan een polikliniek en opleiding voor homeopathie. Van hieruit stichtten leerlingen in meerdere Europese landen, maar ook in de Verenigde Staten, homeopathische centra gebaseerd op de “klassieke” homeopathie. In Hechtel (België) zette Alfons Geukens een eigen polikliniek en lescentrum op, waar hij de ervaring opgedaan bij Vithoulkas in Athene doorgaf aan Belgische, Nederlandse en Duitse collega ‘s. Het bijzondere van zijn kliniek was integratie van zowel homeopathische behandeling van chronische en acute ziekten binnen zijn bloeiende huisartsenpraktijk. Helaas is hij in 2010 plotseling overleden.

Tinus Smits

Tinus Smits, overleden in 2010, was een Nederlandse homeopathische arts die internationale faam verwierf met de door hem ontwikkelde “inspiring homeopathy” en de behandeling van het “post vaccinaal syndroom”. Hij zag veel kinderen met ontwikkelingsstoornissen en door nauwgezet anamnestisch te bepalen vanaf welk moment de problemen waren begonnen, ontstond het vermoeden dat het wel eens met het niet goed verwerken van vaccinaties te maken kon hebben. Opvallend was dat als met een isopathische bereiding van het vaccin in verschillende potenties werd nabehandeld er een sterke verbetering in de gezondheid te verkrijgen was. Deze problematiek noemde hij het PVS of post-vaccinaal-syndroom.

Methode Jan Scholten

Geïnspireerd door Vithoulkas en Geukens ontwikkelde de Nederlandse arts Jan Scholten een nieuwe manier van homeopathische geneesmiddelkeus, de groepsanalyse. Homeopathische geneesmiddelen kan men in verschillende groepen of families indelen. Zo kennen we binnen het periodiek systeem der scheikundige elementen groepen, zoals bijvoorbeeld de halogenen. Scholten begon met onderzoek naar de relatie tussen de elementen in het periodiek systeem wat betreft hun homeopathische thematiek.

Door beelden van de bekende middelen binnen de groep of familie met elkaar te vergelijken en overeenkomsten te zoeken ontdekte hij dat men per groep geneesmiddelen verschillende thema’s kan onderscheiden. Hierdoor kon hij ook voorspellingen doen over de werkzaamheid van nog niet beschreven elementen. Later is hij dezelfde methode gaan toepassen op de plantaardige homeopathische geneesmiddelen. Planten zijn ingedeeld volgens een botanisch systeem waarin families worden onderscheiden, zoals bijvoorbeeld de nachtschaden (solanaceae). Ook binnen plantenfamilies vond hij analoog aan het systeem dat hij had ontwikkeld bij de mineralen, overkoepelende thema’s. Voor de praktijk betekent dit een vereenvoudiging van het zoekproces omdat men gerichter kan zoeken binnen een bepaalde groep of familie van geneesmiddelen naar gelang een gevonden thema binnen de symptomen van de patiënt.

Zijn boeken  “Homeopathie en mineralen” en “Homeopathie en de elementen” zijn al jarenlang internationale bestsellers en zijn methode wordt wereldwijd met succes toegepast. In 2013 is zijn boek “Wonderful Plants” uitgebracht, waarin hij dezelfde groepsanalyse op het plantenrijk toepast. Uitwerking hiervan voor de praktijk is nog in volle ontwikkeling.

www.qjure.com

Sensation methode, Sankaran

Naast Jan Scholten heeft de Indiase homeopaat Rajan Sankaran, vanuit zijn kliniek in Bombay, een eigen systeem ontwikkeld, waarbij ook gebruik gemaakt wordt van groepsanalyse. Deze methode wordt de “sensation methode” genoemd. Het gaat erom de patiënten tijdens het consult bewust contact te laten maken met de klacht in hun lichaam. Vervolgens laat hij hen dit gevoel, de sensatie, gewaarworden en in eenvoudige termen benoemen. Volgens Sankaran is deze “sensation” de diepste uiting van de centrale ontregeling van de patiënt en zelfs dieper dan geestelijke symptomen. Ook hij onderscheidt verschillende groepen homeopathische geneesmiddelen en heeft vanuit de symptomatologie van de middelen per groep of familie de “sensation” van elke groep kunnen bepalen.
Als het lukt de patiënt tijdens de anamnese zover te brengen de “sensation” duidelijk te uiten, dan kan men via de “sensation” eenvoudig de groep middelen bepalen waarin het juiste homeopathisch geneesmiddel voor die patiënt te vinden is. Met deze methode wordt door diverse internationaal erkende homeopathische deskundigen ervaring opgedaan en aldus wordt dit systeem momenteel verder uitgebouwd.

Momenteel ontwikkelen de Israëlische homeopaat en botanicus Michal Yakir en de Indiase psychiater Mahesh Gandhi ook een eigen groepsindeling met thema’s van het plantenrijk. Deze ontwikkeling vindt plaats naast die van Jan Scholten en Sankaran. In de toekomst is te verwachten dat al deze systemen tot één geheel samengevoegd kunnen worden.

Al deze ontwikkelingen hebben ervoor gezorgd dat er veel meer samenhang gekomen is binnen de materia medica, dat veel nog minder gekende geneesmiddelen duidelijker zijn geworden en er weer nieuwe homeopathische geneesmiddelen in ontwikkeling zijn.

Wetenschap en onderzoek naar homeopathie

De laatste jaren is er veel vooruitgang geboekt in het onderzoek van de homeopathie, zowel ten aanzien van de kwaliteit als van de hoeveelheid onderzoek. Onderstaand wordt een overzicht gegeven van de stand van zaken en daarbij ook van de problemen die onderzoekers op dit vrij nieuwe vakgebied van de geneeskunde tegenkomen.

Gebruik wordt gemaakt van het in mei 2016 verschenen rapport van WissHom (Wissenschafliche Gesellschaft für Homöopathie) “Der aktuelle Stand der Forschung zur Homöopathie”.
Bij elk onderdeel kunt u de originele tekst vertaald in het Nederlands per hoofdstuk in pdf inzien.

Zie ook: WissHom rapport – Inleiding

Tevens is gebruik gemaakt van informatie van de prima Engelse website van het “Homeopathic Research Institute” (HRI) www.hri-research.org.

Men kan onderscheid maken in verschillende onderzoeksterreinen.

Fundamenteel onderzoek dient de werkzaamheid van de basale werkingsprincipes, zoals de similia-regel en het potentiëren aan te tonen. Klinisch onderzoek is gericht op de effectiviteit in de praktijk van de behandelmethode. Vaak wordt beweerd dat deze wetenschappelijke onderbouwing in de homeopathie mist. Uit het overzicht dat u hier kunt vinden blijkt dat dit ten onrechte is.

In dit deel van de website wordt de stand van zaken gegeven omtrent onderzoek naar homeopathie.

Beschreven wordt:

Wetenschap, inleiding

In onze huidige tijd is het noodzakelijk dat elke therapie zijn bestaansrecht onderbouwt met wetenschappelijk onderzoek van goede kwaliteit. Met homeopathie is dat ook zo.

De homeopathie is door Hahnemann als systematische behandelmethode rond 1800 ontwikkeld volgens de wetenschappelijke criteria van zijn tijd. Toen werden voor het eerst observaties aan het ziekbed gebruikt om tot uitspraken te komen omtrent ziekte en behandeling (inductieve wetenschappelijke methode). Inmiddels zijn de bakens in de wetenschap verzet en worden vanuit experimenten gegevens verzameld en door middel van statistische bewerking conclusies getrokken (RCT’s en meta-analyses).

Fundamenteel onderzoek

WissHom rapport: Fundamenteel onderzoek, S. Baumgartner (2016).

Het fundamenteel onderzoek in de homeopathie houdt zich momenteel vooral bezig met twee belangrijke onderwerpen, namelijk het wetenschappelijk bewijs van het similia-principe en de werking van homeopathische hoogpotenties.

Toepassing homeopathie

Artsen, huisartsen, specialisten, consultatieve artsen

Huisartsen

Homeopathie wordt door een aantal huisartsen gebruikt als eerste keus behandeling in hun praktijk. De homeopathie en reguliere therapie blijken goed te combineren. Uit een aantal Europese studies naar de toepassing van homeopathie in de huisartspraktijk blijkt dat minder naar specialisten verwezen wordt, goedkoper wordt gewerkt en minder reguliere medicatie zoals antibiotica werd voorgeschreven (Wiesenauer 1992[1], van Wassenhoven 2004[2] en Baars 2012 (PDF)

Roukema, video lezing Roukema st vhan:

Medisch specialisten

Ook enkele medisch specialisten passen homeopathie toe in de eigen privé praktijk. Voor het merendeel gaat het dan om een aantal kinderartsen en psychiaters.

Artsen met consultatieve praktijk

Na 1980 steeg het aantal artsen dat homeopathie in een consultatieve praktijk toepasten. Het voordeel is dat buiten een huisartspraktijk langere tijd voor een consult genomen kan worden en zo vooral chronische aandoeningen beter te behandelen zijn. De patiënten komen voor de consulten bij de homeopathisch behandelaar en houden zowel hun eigen huisarts als specialist aan. Momenteel werkt het grootste deel van de leden van de vakgroep homeopathie van de AVIG in een consultatieve praktijk.

[1] Wiesenauer M, Groh P, Häuβler S. Naturheilkunde als Beitrag zur Kostendämpfung – Versuch einer Kostenanalyse. Fortschr Med 1992; 17: 311-4 | PubMed
[2] van Wassenhoven M, Ives G. An observational study of patients receiving homeopathic treatment. Homeopathy 2004; 93: 3-11 | PubMed

Niet-artsen behandelaars, homeopathische therapeuten

Sinds de jaren 70 van de vorige eeuw wordt homeopathie ook beoefend door een grote groep homeopathisch therapeuten, welke zich klassiek homeopaat noemen. Ook zij werken in een consultatieve setting naast huisarts en medisch specialist, maar hebben een andere medische bevoegdheid dan een arts. Er zijn verscheidene opleidingen voor de zogenaamde klassieke homeopathie, waar naast homeopathie ook onderwijs in medische basisvakken wordt gegeven. Homeopathisch therapeuten zijn lid van eigen beroepsverenigingen: o.a. de NVKH en de NOKH.

Wegwijzer voor de wereld van de homeopathie

Nederland

Zoals bij geschiedenis is vermeld zijn er vanaf 1857 artsen homeopathisch werkzaam in ons land. Aanvankelijk werkten zij als huisarts, later ook na tweede wereldoorlog aangevuld met artsen die op consultatieve basis praktijk voerden (privé-praktijk). Vanaf ongeveer 1980 hebben zich in toenemende mate niet-artsen als homeopathisch therapeut gevestigd. Dit ging samen met een toenemende belangstelling voor homeopathie onder het grote publiek en het ontstaan van meerdere opleidingen homeopathie voor niet-artsen.

Houding van het publiek ten aanzien van de homeopathie: In 2009 noemt J.T.H.J. Dekker in zijn vergelijking van homeopathie in Nederland met drie andere landen het aantal van 300 homeopathisch artsen en 670 geregistreerde therapeuten (www.homeopathienetwerk.nl). Daarnaast zouden nog eens circa 1000 niet geregistreerde therapeuten werkzaam zijn. Ongeveer 8-10% van de bevolking maakt gebruik van de homeopathie, met één tot anderhalf miljoen bezoeken per jaar.

Volgens het CBS is homeopathie de populairste complementaire geneeswijze met 4 miljoen gebruikers.

Momenteel omvat de vakgroep Homeopathie van de AVIG 233 homeopathisch artsen.

Organisaties in het homeopathisch veld

Vakgroep Homeopathie AVIG 
De homeopathische artsen zijn verenigd binnen de vakgroep homeopathie van de AVIG. Binnen deze vakgroep wordt gewerkt aan kwaliteitsbewaking, ontwikkeling en wetenschappelijke onderbouwing van de homeopathie. Homeopathisch artsen die voldoen aan de kwaliteitseisen van de AVIG, zoals opleiding, nascholing en praktijkvoering, zijn registerlid van de AVIG. Consulten bij registerleden worden door de meeste zorgverzekeraars (gedeeltelijk) vergoed. Tevens is er een klachtenregeling en tuchtprocedure.

Artsenvereniging Voor Integrale Geneeskunde (AVIG) is opgericht in 2011.
Het doel van de AVIG is de bevordering van de integrale geneeskunde, kortweg komt dat neer op het streven naar de “best of both worlds”, het bundelen van algemeen medische principes met alle onderbouwde vormen van complementaire en reguliere behandelwijzen. Tot de complementaire behandelwijzen behoort ook de homeopathie.
De meeste homeopathische artsen die tot 2011 lid waren van de Artsenvereniging voor homeopathie(VHAN), zijn tot deze nieuwe organisatie toegetreden.
Huidige vakgroepen zijn: homeopathie, natuurgeneeskunde, neuraaltherapie en acupunctuur.
Leden ontvangen het TIG, “Tijdschrift voor Integrale Geneeskunde
De AVIG telt ongeveer 400 leden, zowel artsen als tandartsen.

SGCIG ( Stichting Geschilleninstantie Complementaire Geneeskunde) is een geschilleninstantie waartoe men zich kan wenden indien de afhandeling van een conflict  door de klachtenfunctionarissen  van de AVIG niet tot een aanvaarde oplossing heeft geleid. Deze instantie beoordeelt de situatie juridisch en is bevoegd een oordeel uit te spreken en een eventuele schadeclaim toe te wijzen.

S.C.A.G. (De Stichting Complementaire en Alternatieve Gezondheidszorg (SCAG)
Geschilleninstantie voor de complementaire en alternatieve zorg voor het behandelen van  klachten omtrent handelen van therapeuten en andere alternatieve behandelaars. Deze instantie kan een bindend oordeel uitspreken en een schadevergoeding toewijzen.
Men dient zich evenwel  eerst tot de desbetreffende beroepsvereniging en klachtenfunctionaris te wenden teneinde langs deze weg naar een aanvaardbare oplossing van de klacht te streven.

Voor klachten zie:“Klachten over een homeopathische behandeling”

Nederlandse Vereniging van Klassiek Homeopaten (NVKH) is de beroepsvereniging van homeopathisch werkende therapeuten.
Aan het lidmaatschap worden eisen gesteld van opleiding, nascholing en praktijkvoering.
Het doel van NVKH is het bevorderen van de klassieke homeopathie en toezicht houden op kwaliteit van haar leden. Ook is er een beroepsregister waarin alle geregistreerde leden zijn opgenomen. Consulten bij registerleden worden door de meeste zorgverzekeraars (gedeeltelijk) vergoed.
De Nederlandse Organisatie van Klassiek Homeopaten (NOKH) Is een beroepsorganisatie van klassiek homeopaten. De NOKH ziet de homeopathie als een hoofdstroming binnen de alternatieve zorg. Homeopathie biedt een alternatief voor de reguliere behandelingen. De NOKH-homeopaten voldoen aan de kwaliteitscriteria die het Ministerie van VWS heeft laten ontwikkelen.
Koninklijke Vereniging ter Bevordering der Homeopathie in Nederland (KVHN) ook wel “Vereniging Homeopathie” Een onafhankelijke consumenten-belangen-organisatie die open staat voor een ieder die belangstelling heeft voor de homeopathie en die deze geneeswijze wil ondersteunen. Het streven is de homeopathie een volwaardig onderdeel te laten zijn van de huidige gezondheidszorg. De vereniging geeft informatie over homeopathie aan een breed publiek, investeert in wetenschappelijk onderzoek in de homeopathie en treedt in overleg met overheid en verzekeraars. Zij geeft het tijdschrift “Homeopathie Magazine“ (HM) uit.

Platform Integrale Gezondheidszorg 

In dit platform werken patiëntenorganisaties samen in hun streven naar betrouwbare, integrale gezondheidszorg in Nederland en erkenning van de waarde van deze zorg voor een vitale samenleving. Keuzevrijheid van de patiënt voor alle vormen van kwalitatief goede integrale zorg en betrouwbare informatie daarover zijn speerpunten.

Lees meer

Staat voor betrouwbare, integrale gezondheidszorg in Nederland en erkenning van de waarde van deze zorg voor een vitale samenleving. Tevens is de keuzevrijheid van de patiënt voor vormen van kwalitatief goede integrale zorg van groot belang en dient er betrouwbare informatie over complementaire therapieën beschikbaar te zijn. Welke vorm van gezondheidszorg helpt bij welke aandoening? Het platform heeft het initiatief genomen om een website te ontwikkelen die antwoorden geeft op die vraag: “Wijzer naar Gezondheid“ ( https://www.wijzernaargezondheid.nl/), waarop wetenschappelijk gefundeerde informatie wordt verzameld over de werking en werkzaamheid van integrale en complementaire behandelwijzen. Vanuit Wijzer Naar Gezondheid worden ook een nieuwsbrief en een tijdschrift uitgegeven.

Stichting VHAN is een onafhankelijk organisatie die:
  • wetenschappelijk onderzoek op gebied van homeopathie bevordert;
  • het onderwijs in de homeopathie aan de universiteiten bevordert door presentaties over homeopathie aan te bieden aan artsen, coassistenten en medische studenten, al dan niet binnen het kader van onderwijs in complementaire geneeswijzen;
  • de Homeopathische Bibliotheek in stand houdt en onderhoudt, welke is ondergebracht bij de Universiteitsbibliotheek Utrecht;
  • objectieve, gefundeerde en actuele informatie verzorgt over homeopathie voor artsen, patiënten en beleidsmakers door middel van deze website.
 
Samen voor Homeopathie is een platform van alle organisaties die de homeopathie een warm hart toedragen. Doel van dit platform is om als één coherent veld de krachten voor homeopathie te bundelen.
 
Welke vorm van gezondheidszorg helpt bij welke aandoening? Wijzer Naar Gezondheid zet de reguliere behandeling van aandoeningen naast de bewezen werkzame complementaire behandelingen. Vanuit Wijzer Naar Gezondheid worden ook een nieuwsbrief en een tijdschrift uitgegeven, waarin wetenschappelijk gefundeerde informatie wordt besproken over de werking en werkzaamheid van integrale en complementaire behandelwijzen.
Hortus Alkmaar
De Hortus Alkmaar is de voormalige productietuin van VSM geneesmiddelen en nu doorgestart als onafhankelijke organisatie. Deze botanische tuin is gespecialiseerd in geneeskrachtige planten.

Verloskunde

Vereniging Verloskunde & Homeopathie (VV&H)
Organisatie van verloskundigen die homeopathische begeleiding geven rond zwangerschap en bevalling.

Tandheelkunde

Nederlandse Vereniging tot bevordering van Bio-energetische Tandheelkunde (NVBT).
De bio energetische-tandartsen maken behalve van homeopathie ook gebruik van andere additieve behandelmethoden zoals neuraaltherapie, (elektro-) acupunctuur en is er aandacht voor het biologisch goed verdragen van tandheelkundige materialen.
Een deel van deze tandartsen is ook lid van de AVIG.

Diergeneeskunde

De homeopathisch werkende dierenartsen zijn vertegenwoordigd in de Studiegroep Complementair werkende Dierenartsen (SCwD), een studiegroep binnen de Koninklijke Nederlandse Maatschappij voor Diergeneeskunde (KNMvD).
Ze zijn te vinden onder www.holistischedierenartsen.nl

 

De Beroepsvereniging Klassiek Homeopaten voor Dieren (BKHD) is een beroepsvereniging waar professionele homeopaten voor dieren zijn geregistreerd. De leden werken volgens gekwalificeerde richtlijnen. Consulten van bij de BKHD geregistreerde therapeuten worden (gedeeltelijk) vergoed door Proteq.

Positie van artsen voor homeopathie

Artsen die homeopathie toepassen zijn net als alle andere artsen gebonden aan wetten en regels. Alle artsen in Nederland die zich bezig houden met de “gezondheidkundige verzorging van de mens”, zoals de overheid dat formuleert, dienen zich te registreren in het BIG-register. De wet BIG staat voor wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. Deze wet is in 1993 van kracht geworden als opvolger van de Wet Uitoefening Geneeskunst. Met de invoering van de wet BIG werd het verbod op het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunst verlaten en werd ingezet op kwaliteitscontrole en bescherming van de zorgvrager (lees: patiënt ). De wet BIG onderscheidt een aantal beroepen (arts, verpleegkundige, fysiotherapeut, etc.) die alle een beschermde beroepstitel hebben, zich verplicht moeten laten registeren en herregistreren, en die ook allemaal tuchtrechtelijk aansprakelijk zijn. Het tuchtrecht functioneert in de eerste plaats als kwaliteitsbewaking en niet als strafmaat.

Gezien de specifieke aard van hun werkzaamheden, namelijk algemeen medisch werk én specifieke homeopathische expertise, houden artsen voor homeopathie in hun praktijkuitoefening daarnaast rekening met de gedragsregel van de Koninklijke Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst betreffende niet-reguliere behandelwijzen. Hierin is als belangrijkste punt opgenomen, dat een artsen homeopathisch mogen behandelen, zolang zij niet voorbij gaan aan bewezen effectieve algemeen medische behandelingen.

De artsenvereniging voor homeopathie VHAN is in 2011 opgegaan in de AVIG, de nieuwe Artsenvereniging voor Integrale Geneeskunde. Binnen deze vereniging bestaat ook nog een intern tuchtrecht waar de arts rekening mee moet houden.

 

Positie van niet-arts therapeuten

Alle juridische maatregelen dienen ter bescherming van de zorgvrager (lees: patiënt).

De overheid heeft sinds de invoering van de wet BIG nog geen wet- en regelgeving ingevoerd voor niet-arts therapeuten. Het beroep homeopaat is daardoor geen wettelijk beschermde beroepstitel. Een niet-arts homeopaat is niet gebonden aan de wet BIG, noch aan de gedragsregel van de KNMG. Het enige kwaliteitsinstrument wordt gevormd door de reglementen van de beroepsverenigingen van homeopathische therapeuten NVKH ( link www.nvkh.nl) en NOKH (link www.nokh.nl); deze gelden alleen voor leden. Daarnaast is het Nederlands strafrecht van toepassing, zoals dat ook voor artsen geldt.

WP Feedback

Dive straight into the feedback!
Login below and you can start commenting using your own user instantly

Share This