Positie van artsen voor homeopathie

Artsen die homeopathie toepassen zijn net als alle andere artsen gebonden aan wetten en regels. Alle artsen in Nederland die zich bezig houden met de “gezondheidkundige verzorging van de mens”, zoals de overheid dat formuleert, dienen zich te registreren in het BIG-register. De wet BIG staat voor wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. Deze wet is in 1993 van kracht geworden als opvolger van de Wet Uitoefening Geneeskunst. Met de invoering van de wet BIG werd het verbod op het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunst verlaten en werd ingezet op kwaliteitscontrole en bescherming van de zorgvrager (lees: patiënt ). De wet BIG onderscheidt een aantal beroepen (arts, verpleegkundige, fysiotherapeut, etc.) die alle een beschermde beroepstitel hebben, zich verplicht moeten laten registeren en herregistreren, en die ook allemaal tuchtrechtelijk aansprakelijk zijn. Het tuchtrecht functioneert in de eerste plaats als kwaliteitsbewaking en niet als strafmaat.

Gezien de specifieke aard van hun werkzaamheden, namelijk algemeen medisch werk én specifieke homeopathische expertise, houden artsen voor homeopathie in hun praktijkuitoefening daarnaast rekening met de gedragsregel van de Koninklijke Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst betreffende niet-reguliere behandelwijzen. Hierin is als belangrijkste punt opgenomen, dat een artsen homeopathisch mogen behandelen, zolang zij niet voorbij gaan aan bewezen effectieve algemeen medische behandelingen.

De artsenvereniging voor homeopathie VHAN is in 2011 opgegaan in de AVIG, de nieuwe Artsenvereniging voor Integrale Geneeskunde. Binnen deze vereniging bestaat ook nog een intern tuchtrecht waar de arts rekening mee moet houden.

 

Positie van niet-arts therapeuten

Alle juridische maatregelen dienen ter bescherming van de zorgvrager (lees: patiënt).

De overheid heeft sinds de invoering van de wet BIG nog geen wet- en regelgeving ingevoerd voor niet-arts therapeuten. Het beroep homeopaat is daardoor geen wettelijk beschermde beroepstitel. Een niet-arts homeopaat is niet gebonden aan de wet BIG, noch aan de gedragsregel van de KNMG. Het enige kwaliteitsinstrument wordt gevormd door de reglementen van de beroepsverenigingen van homeopathische therapeuten NVKH ( link www.nvkh.nl) en NOKH (link www.nokh.nl); deze gelden alleen voor leden. Daarnaast is het Nederlands strafrecht van toepassing, zoals dat ook voor artsen geldt.

Positie van patiënten van homeopathische zorgverleners

Patiënten (zorgvragers) mogen verwachten dat een arts hen volledig informeert over:

  • hun gezondheidstoestand en de vooruitzichten;
  • de aard en het doel van onderzoek en de behandeling;
  • de te verwachten gevolgen en risico’s van onderzoek en behandeling voor de gezondheid;
  • over andere methoden van onderzoek en behandeling die in aanmerking komen.

Op grond van deze informatie dient een patiënt toestemming te geven voor onderzoek en behandeling. Deze rechten en plichten zijn vastgelegd in de Wet Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO).

Wettelijke status homeopathisch geneesmiddelen

Wetgeving en registratie van homeopathische geneesmiddelen

Registratie van homeopathische geneesmiddelen

Tot 2002 hoefden homeopathische geneesmiddelen niet geregistreerd te worden zoals ‘reguliere’ geneesmiddelen.
Ten gevolge van Europese richtlijnen is in 2002 in Nederland een wet aangenomen waarin deze registratie wel verplicht werd gesteld. Het doel was om de homeopathische geregistreerde middelen de wettelijke status van geneesmiddel te geven en zo – hoewel veiligheid van homeopathische geneesmiddelen nooit een probleem was – de oorsprong, kwaliteit en veiligheid te garanderen.
Voor registratie van een homeopathisch geneesmiddel dient de fabrikant een uitgebreide aanvraag te doen voorzien van een dossier voor elke homeopathisch grondstof, iedere verpakkingsvorm en elke potentie.
Er zijn hoge kosten verbonden aan zo’n aanvraag. Door deze eisen kunnen fabrikanten uit oogpunt van capaciteit en hun financiële mogelijkheden slechts die meest gangbare geneesmiddelen ter registratie aanbieden.
Hierdoor zijn weliswaar wat minder gangbare homeopathische geneesmiddelen niet geregistreerd, maar voor de patiënt blijven deze homeopathische geneesmiddelen beschikbaar. Deze geneesmiddelen zijn in speciale bereiding op recept bij een gespecialiseerde bereidingsapotheek te verkrijgen, als zogenaamde magistrale bereiding. Deze bereidingen zijn niet veel duurder dan geregistreerde homeopathische geneesmiddelen ( variërend van 10-20 euro). Het is wel minder gemakkelijk speciale bereidingen door verzekeraars vergoed te krijgen.

Deze maatregel heeft vooral impact op de zelfzorgmiddelen. Door de bovengenoemde wet uit 2002 is de hoeveelheid vrij verkrijgbare homeopathische zelfzorgmiddelen en complexmiddelen aanzienlijk afgenomen.

Inmiddels zijn er sinds 2002 in Europa nog steeds landen die de registratie van de homeopathische geneesmiddelen nog niet volledig hebben doorgevoerd en is er een soort rechtsongelijkheid in Europa ontstaan.

Verbod vermelding van indicaties op homeopathische geneesmiddelen

In juli 2012 zijn in Nederland strengere regels ingevoerd wat betreft de vermelding van indicaties op verpakkingen van homeopathische geneesmiddelen. Slechts die indicaties die door regulier erkend wetenschappelijk onderzoek (“one remedy, one target”) onderbouwd zijn, mogen vermeld blijven.

Nu de informatie waarvoor een middel geïndiceerd is op de verpakking ontbreekt, kan de consument moeilijker zijn eigen keuzes maken. Hierdoor is de markt voor zelfzorgmiddelen nog verder gekrompen en zijn een groot aantal geneesmiddelen alsnog uit de handel verdwenen. Dit terwijl er geen twijfel over veiligheid of sterke bijwerkingen speelde en de consument voorheen naar tevredenheid deze zelfzorgmiddelen gebruikte.

Positie van zorgverzekeraars t.o.v. homeopathische zorg

Zorgverzekeraars zijn commerciële partijen, op zoek naar winstgevende activiteiten. Omdat de klant er om vraagt zijn ze tot heden bereid tot het restitueren van kosten voor complementaire behandeling en medicijnen via de aanvullende verzekering, zij het in beperkte mate.

Er komt steeds meer bewijs dat homeopathie de kosten van gezondheidszorg verlaagt/laag houdt. Op macro niveau is aangetoond dat huisartsen die ook complementair werken naast hun huisartsgeneeskundige activiteiten voor de zorgverzekeraar een besparing van ongeveer 15% opleveren.

Voor zorgverzekeraars zou het daarom juist aantrekkelijk zijn om homeopathische behandelingen op te nemen in het basispakket.

Politieke partijen

Politieke partijen nemen anno 2015 geen uitgesproken standpunten in inzake complementaire geneeskunde, waaronder homeopathie.

Het is vreemd dat de politiek aan de ene kant de eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid van de burger in onze maatschappij steeds belangrijker vindt, maar aan de andere kant de keuzevrijheid van de burger voor CAM-geneeskunde zoals de homeopathie steeds meer aan het inperken is met veiligheid als argument. Dit terwijl de homeopathie en andere CAM behandelingen aantoonbaar veiliger zijn dan reguliere behandelwijzen.

MethodPossible effectNo effectHarmful
Regular41,3 %20 %8,1%
CAM38,4%4,3 %0,6 %

Bron:

[1] Ezzo J et al. Reviewing the reviews. How strong is the evidence? How clear are the conclusions? In: International Journal of Technology Assessment in Health Care 17/4 (2001) 457-466 | PubMed

[2] State of Emerging Evidence on CAM. In: Complementary and Alternative Medicine in the United States. Institute of Medicine (US) Committee on the Use of Complementary and Alternative Medicine by the American Public. Washington (DC): National Academies Press (US); 2005, 135-136 | FullText

Share This