Vithoulkas
Met de opkomst van Vithoulkas begin jaren 80 van vorige eeuw beleefde de homeopathie weer een bloeiperiode, ook in Nederland. Vithoulkas gaf in Athene leiding aan een polikliniek en opleiding voor homeopathie.
Lees verderMet de opkomst van Vithoulkas begin jaren 80 van vorige eeuw beleefde de homeopathie weer een bloeiperiode, ook in Nederland. Vithoulkas gaf in Athene leiding aan een polikliniek en opleiding voor homeopathie.
Lees verderGeïnspireerd door Vithoulkas en Geukens ontwikkelde de Nederlandse arts Jan Scholten een nieuwe manier van homeopathische geneesmiddelkeus, de groepsanalyse. Homeopathische geneesmiddelen kan men in verschillende groepen of families indelen. Zo kennen we binnen het periodiek systeem der scheikundige elementen groepen, zoals bijvoorbeeld de halogenen. Scholten begon met onderzoek naar de relatie tussen de elementen in het periodiek systeem wat betreft hun homeopathische thematiek.
Lees verderNaast Jan Scholten heeft de Indiase homeopaat Rajan Sankaran, vanuit zijn kliniek in Bombay, een eigen systeem ontwikkeld, waarbij ook gebruik gemaakt wordt van groepsanalyse. Deze methode wordt de “sensation methode” genoemd. Het gaat erom de patiënten tijdens het consult bewust contact te laten maken met de klacht in hun lichaam.
Lees verder
Het similia-principe vormt een kernpunt in het systeem van de homeopathische geneeskunde, waarvan S. Hahnemann (1755-1843) wordt gezien als de grondlegger. Een systeem komt echter nooit uit de lucht vallen. Voor Hahnemanns tijd was dit principe wel bekend en beschreven; het werd echter niet systematisch toegepast. Wie waren zijn voorgangers?
Lees verderDe “miasmaleer” is een theorie ontwikkeld door Hahnemann na jaren ervaring te hebben opgedaan met de praktijk van de homeopathie. Hij beschreef deze theorie in zijn boek “Chronische Krankheiten”.
Lees verderAl in 1827 was het Organon (derde editie) beschikbaar in de Nederlandse taal, vertaald door een anoniem gebleven vertaler. Van de hand van J.P.F. Schönfeld verscheen in 1836 het boek “Bijdragen tot de homeopathie”. Op verzoek van Nederlanders die homeopathisch behandeld wilden worden, vestigde zich in 1857 de Duitse arts F.W.O. Kallenbach in Rotterdam. De eerste Nederlandse arts die homeopathie toepaste in zijn praktijk was dr S. van Royen, vanaf 1863 praktiserend in Utrecht en niet veel later gevolgd door meerdere homeopathische artsen in diverse grote steden van ons land.
Lees verder
Sinds 1978 is de Homeopathische Bibliotheek als een ‘Bijzondere collectie’ ondergebracht bij de Universiteitsbibliotheek van Utrecht. De collectie bevat inmiddels circa 3750 monografieën en ruim 100 deels nog lopende (tijdschrift) series.
Lees verderOp de website van het HRI-research instituut is te vinden:
“Bewijs voor homepathie”
Eind 2022 waren er 271 gerandomiseerde onderzoeken met controlegroep (RCT’s) naar 144 aandoeningen gepubliceerd in peer-reviewed tijdschriften, met genoeg informatie om de uitkomsten te kunnen analyseren.
Daarvan waren er 157 dubbelblind gerandomiseerd en placebo-gecontroleerd naar 95 medische aandoeningen:
43% had een positieve uitkomst (67 onderzoeken) – deze onderzoeken bewezen dat homeopathie effectief is
3% was negatief (5 onderzoeken) – homeopathie was niet effectief
54% lieten geen duidelijke verschillen zien (85 stuks)
Een ander overzicht en eigen beoordeling van de voorhanden zijnde RCT’s op hun kwaliteit is te vinden in het WissHom rapport “Resultaten van oorspronkelijke RCT’s met individuele homeopathie en hoge potenties in vergelijking met placebo en standaardbehandelingen”, K von Ammon e.a. (2016) en hoofdstuk 3 van het WIssHom rapport van 2021.
Lees verderEen mooie samenvatting en bespreking van conclusies gedaan over klinisch onderzoek in de homeopathie is te vinden in het artikel van R.G. Hahn
Lees verderWat verstaan we onder een RCT? Een RCT, een gerandomiseerd onderzoek met controlegroep, is een experiment gericht op het bepalen van werkzaamheid van een medische behandeling. Momenteel wordt de RCT als de “Gouden Standaard” beschouwd waar het gaat om bewijsvoering en daarom vormt de RCT een belangrijk onderdeel van EBM.
Lees verderEen verdere belangrijke rol binnen EBM spelen peer reviews, d.w.z. beoordeling van artikelen voor publicatie door vooraanstaande vakgenoten, vaak anoniem.
Een meta-analyse is een beoordelingsonderzoek van eerder gedaan onderzoek.
Lees verderHieronder verstaan we een systematisch overzicht en analyse van onderzoeken over een bepaald onderwerp b.v. meta-analyses
Lees verderIn toenemende mate wordt echter getwijfeld, ook binnen de reguliere geneeskunde, aan het werkelijke nut van RCT’s en daarbij ook aan dat van de meta-analyses. Is het werkelijk “goud” wat er blinkt? [1]
Een paar kritiekpunten:
Hoe homeopathische potenties werken is niet bekend, echter er zijn wel verschillende theorieën over de werking.
Lees verderVergeleken met het onderzoek naar de werking van homeopathische hoogpotenties is er veel minder onderzoek gedaan naar het similia-principe, de basis van de homeopathie.
Lees verderHet WissHom rapport uit 2021 geeft de volgende eindconclusie: In de meer dan 1000 gespecialiseerde wetenschappelijke publicaties over fundamenteel homeopathisch onderzoek zijn er een aanzienlijk aantal studies van hoge kwaliteit die specifieke effecten van hoge potenties van homeopathische geneesmiddelen hebben waargenomen. Evenzo bestaan er publicaties waarin met succes onafhankelijk gerepliceerde experimentele modellen worden beschreven
Lees verderUit observationele studies op basis van de klinische praktijk blijkt met betrekking tot
verschillende medische aandoeningen eensluidend: patiënten die een homeopathische
behandeling ondergaan, ondervinden klinisch relevante verbeteringen van hun symptomen,
alsook een toename van de levenskwaliteit. De effecten zijn van een vergelijkbare omvang als die van de conventionele therapie, maar er zijn aanzienlijk minder bijwerkingen
Dit zijn de originele conclusies van deze negen meta analyses, van de oudste tot de nieuwste.
Lees verderDeze meta-analyse laat zien dat als men alleen de gerandomiseerde gecontroleerde onderzoeken van hoogste kwaliteit analyseert, homeopathische geneesmiddelen voorgeschreven volgens een geïndividualiseerde homeopathische behandeling 1,5 tot 2 maal gunstiger blijken te werken dan een placebo. [28]
Lees verderDe negatieve studie – bekendstaand als de “Lancet Study” of “Shang artikel” blijft de enige studie waarvan de conclusie is dat homeopathie niet meer dan een placebo is.
Lees verderBij het onderzoek naar de homeopathie schijnt de beoordeling van de data op grond van de onverenigbaarheid met bepaalde vooraf aanwezige theoretische opvattingen, een belangrijke rol te spelen.
Lees verder